Skip to content

Agressie

Onder agressie wordt meestal verstaan het gewelddadig handelen met het doel schade toe te brengen. Dikwijls gaat het om schade aan personen.

Positieve en negatieve betekenissen
Agressie kan ook anders worden gedefinieerd: als een gerichte kwaadheid die juist het belang van een effectieve communicatie kan dienen. Deze kan juist destructieve handelingen voorkomen. In de biologie is dat onderscheid duidelijk, daar wordt destructief gedrag tussen soortgenoten dikwijls voorkomen door agressiviteit.

Elk kind heeft een gezonde dosis agressie en geweld nodig om zijn leefwereld te ontdekken en om bij te leren. Groeien is ook opkomen voor jezelf, zorgen dat anderen je respecteren. De levensenergie die een kind daarvoor aanspreekt, kan ook schade berokkenen. In dat geval spreken we van geweld: scheldpartijen, vechten, dreigen, spuwen, trappen.

Fases van geweld
Meestal wordt agressie echter als negatief fenomeen gezien. Er wordt daarbij gedacht aan geweld bij bijvoorbeeld criminaliteit, oorlog, racisme of opstand. Agressie kent meestal fasen: eerst discussie, dan polarisatie, dan ruzie, en al naargelang er dwingende omstandigheden plaatsvinden kan agressie leiden tot zinloos geweld, massale vechtpartijen of zelfs oorlog.

Er zijn verschillende redenen waardoor mensen gedreven worden tot agressieve daden. Dit zijn de voornaamste:
angst
bravoure, lef
woede
Mensen in een psychose zijn soms zeer angstig en daardoor sneller geneigd om iets als een aanval op te vatten en als reactie agressief te worden. Gebruikers van alcohol en drugs kunnen sneller ontremd zijn waardoor een kleinigheid aanleiding kan vormen tot hevige agressie.

Agressiebeheersing
De laatste jaren wordt binnen beroepen waar men veel te maken heeft met agressie aandacht besteed aan agressiebeheersing. Zo worden bij de politie, binnen psychiatrische instellingen, hulpverleningsinstanties en gevangenissen enzovoort, trainingen gegeven om de medewerkers beter te leren omgaan met agressie. Feitelijk worden agressietrainingen gegeven aan iedereen die beroepshalve veel klant-/cliëntcontacten onderhouden.
Binnen zo’n training leren mensen welke soorten agressie er bestaan, hoe je de verschillende soorten snel kan herkennen en hoe je daar het meest effectief mee om kan gaan.
Hierbij wordt niet alleen aandacht besteed aan het onder controle houden van jezelf, de agressor en de agressieve situatie; er wordt ook aandacht besteed aan het voorkomen van agressieve situaties ‘an sich’.
Het gaat dus om het herkennen en erkennen van agressie zodat er op een constructieve wijze op kan worden gereageerd.

De technieken die daarbij worden aangereikt zijn ‘agressiesoort gebonden’. Bij frustratieagressie zijn de technieken namelijk geënt op het in contact treden met de agressor (door voornamelijk gevoelsreflecties te geven). Bij instrumentele agressie zijn de technieken geënt op het constructief plaatsen van grenzen. Te allen tijde is het observeren en analyseren van de lichaamstaal van de agressor van groot belang. Ook de eigen lichaamstaal is van belang om rekening mee te houden.

Vooral bij dieren kan men ruim op voorhand op basis van de lichaamstaal de agressie opmerken. Bij honden merkt men aan de opgetrokken bovenlip en aan het grommen de eerste voortekenen van naderende agressie die kan uitmonden in bijten en en zelfs een heus gevecht. Indien het echt tot een gevecht zou komen, kan men dit vaak oplossen door een vinger in de anus van de agressor te steken om zo de andere hond de kans te geven om te vluchten.

Soms trachten mensen agressie af te reageren door sport of een vechtkunst te beoefenen; dit wordt echter afgeraden. Het is een misverstand dat men agressie altijd kan (laten) afreageren door bijvoorbeeld een boksbal te bewerken of hard te roepen. Dit is onderzocht en blijkt vaak omgekeerd te werken: mensen kunnen er sneller agressief door reageren.

Bron: Wikipedia onder de CC-BY-SA licentie.